St Andrews is klein – je loopt er in twintig minuten doorheen – en zit buitengewoon vol geschiedenis. In de middeleeuwen was het de religieuze hoofdstad van Schotland, en het geraamte van de reusachtige kathedraal beheerst nog altijd de landtong. De universiteit, gesticht in 1413, is de oudste van het land. En op de links ten noordwesten van de stad slaan mensen al zo’n zeshonderd jaar ballen naar holes: op de Old Course kreeg het moderne golfspel zijn vorm.
Het stadje ligt in de noordoosthoek van Fife, het schiereiland tussen de Firth of Forth en de Firth of Tay dat zichzelf nog graag een koninkrijk noemt. Ten zuiden van St Andrews is de East Neuk een snoer van oude vissersdorpen met rode pannendaken en trapgevels; in het binnenland liggen het renaissancepaleis van Falkland en Dunfermline, begraafplaats van Schotse koningen. Het is een zacht, (naar Schotse maatstaven) zonnig landschap en een verfrissend contrast met de Hooglanden.
Hoogtepunten
- De ruïnes van St Andrews Cathedral en de klim naar de top van St Rule’s Tower
- Over de Old Course wandelen naar de Swilcan Bridge – op zondag vrij toegankelijk
- St Andrews Castle met zijn flesvormige kerker en belegeringstunnels
- West Sands, het twee mijl lange strand uit Chariots of Fire
- De haventjes van de East Neuk: Crail, Anstruther, Pittenweem, St Monans, Elie
- Falkland Palace en de Forth Bridge



Hoe lang blijven
Voor St Andrews zelf heb je een ontspannen dag nodig. Trek een tweede dag uit voor de dorpen van de East Neuk en Falkland, en meer als je gaat golfen of een stuk van het Fife Coastal Path wilt lopen.
Beste uitvalsbasis
St Andrews is de voor de hand liggende en prettigste uitvalsbasis, met alles op loopafstand. Zoek je iets rustigers en goedkopers, overnacht dan in Anstruther of Crail in de East Neuk; met een auto ligt heel Fife binnen 45 minuten.



